"Vroemen had nooit aangeklaagd mogen worden"November 24th 2009 - De beroepscommissie van het Instituut Sportrechtspraak heeft de Atletiekunie en de Dopingautoriteit niet ontvankelijk verklaard in de beroepszaak tegen Simon Vroemen. De ex-atleet was eerder vrijgesproken van een overtreding van het dopingreglement tijdens de EK atletiek in 2006.
Dat blijkt uit de uitspraak die de onafhankelijke instantie vrijdag aan beide partijen heeft gestuurd.
De steepleloper zou bij de EK in Göteborg tegen de regels in een (herstel)infuus hebben gebruikt. Volgens de beroepscommissie is de Atletiekunie echter te laat in actie gekomen en heeft de bond daarmee het recht op aangifte verspeeld.
In de ogen van de beroepscommissie kreeg het bestuur van de Atletiekunie de afgelopen jaren diverse signalen dat Vroemen op de EK in Göteborg, waar hij zich terugtrok wegens een voedselvergiftiging, mogelijk het dopingreglement had overtreden. De bond ondernam in 2006 geen actie. Ook in 2007, toen de zaak weer opspeelde, was er voor de Atletiekunie geen aanleiding aangifte doen.
In juni 2008 plaatste de inmiddels gestopte Vroemen zich, na een onverwachte rentree, voor de Olympische Spelen. Hij werd in Cottbus echter positief bevonden. Daarna bracht de Atletiekunie de zaak uit 2006 alsnog aan bij de Dopingautoriteit. Dit jaar volgde aangifte bij het Instituut Sportrechtspraak, maar de tuchtcommissie sprak Vroemen vrij.
De commissie van beroep vernietigt deze vrijspraak omdat er in de ogen van de instantie eigenlijk nooit een zaak-Vroemen had moeten zijn. De Atletiekunie had na al die jaren en zonder nieuwe feiten het recht om aangifte van de zaak uit 2006 te doen verspeeld.
Pictures
Your reaction on this newsitem
|